dinsdag 14 oktober 2014

d(b)n 14 X 2014 : het voorwoord der voorwoorden



Heb de afgelopen dagen weer verschillende voorwoorden van postume poëziebundels onder ogen gehad, en het zullen zeker de laatste niet zijn, maar die van Lodewijk Rijfkogel in Dichtlievende gedachten van Albertine Elisabeth Rijfkogel (1816-1836) oogt haast onovertrefbaar. Hieronder een fragment:

"De in dezen bundel vervatte dichtlievende gedachten zijn vervaardigd door onze onvergetelijke lieveling, ons éénig kind, ALBERTINE ELISABETH RYFKOGEL; zij werd ons op den26e December 1836, in den jeugdigen leeftijd van twinitg jaren en tien maanden, door den dood ontrukt, nadat zij een smartvol lijden van vijf achtereenvolgende jaren met Christelijken moed en voorbeeldige gelatenheid had doorgestaan. Juist gedurende de slooping van haar teder ligchaam ontwikkelde zich haar vlug denkvermogen en, ik mag zulks op de getuigenis van deskundigen zeggen, dichterlijk genie. De voortbrengselen daarvan werden door mij uit haren mond opgevangen en op het papier gebragt, aangezien hare matte hand tot het voeren der pen reeds onbekwaam was."


***

Geen opmerkingen: